070 357 0800

Rentevoordeel personeelslening

Wat de werknemer minder betaalt aan rente op een lening van de werkgever dan de marktconforme rente, is belast loon.

Tot eind 2015 waren op deze regel twee uitzonderingen van toepassing:

  • De lening voor de aanschaf van een fiets (fietsenplan);
  • De lening voor de aankoop of verbetering van de eigen woning.

In het geval het rentevoordeel ten laste van de vrije ruimte wordt gebracht, hoeft dit niet op werknemersniveau geregistreerd te worden. Het voordeel kan dan rechtstreeks ten laste van de vrije ruimte worden geboekt.

Als het rentevoordeel als fiscale bijtelling bij de werknemer wordt opgevoerd, moet gebruik worden gemaakt van loonfactor 484: Bedrag rentevoordeel. Het bedrag kan als variabele mutatie (eenmalig) of als vaste loonfactor (meerdere maanden) worden opgegeven. Aan de loonfactor is een rubriek in de loonaangifte gekoppeld. De Belastingdienst verlangt namelijk een melding van het rentevoordeel.

Ten behoeve van de eigen woning mag niet ten laste van de vrije ruimte worden gebracht.

Het rentevoordeel van een lening mag ook als eindheffingsloon ten laste van de vrije ruimte worden gebracht. Daarbij geldt ook weer een uitzondering, namelijk het eventuele rentevoordeel op een personeelslening ten

Bij alle bedragen die aan de werknemer zijn voorgeschoten, anders dan in het geval van het fietsenplan, zal in principe rente berekend moeten worden. Er is geen normrente, dus moet de werkgever zelf bepalen wat de marktconforme rente is. Wordt geen of minder rente in rekening gebracht, dan moet het rentevoordeel als loon in natura worden opgevoerd. Voorbeeld: een werknemer betaalt maandelijks € 100 aan rente, terwijl de marktconforme rente € 180 zou bedragen, dan geldt € 80 als loon.

Voor deze beide uitzonderingen was een nihil waardering van toepassing op het rentevoordeel. Maar met ingang van 2016 vervalt de nihil waardering voor het rentevoordeel op de lening voor de aankoop of verbetering van de eigen woning. Er bestaat nog slechts één nihil waardering, en dat betreft het rentevoordeel voor de lening voor de aanschaf van een (elektrische) fiets of elektrische scooter. Bij de terugbetaling van de fiets van de werkgever (het fietsenplan) hoeft dus geen rekening te worden gehouden met een rentecomponent.

Sorry, the comment form is closed at this time.